De lerende gemeente bestaat niet

De laatste tijd wordt er veel geschreven over het jeugdwerk in de kerk. Onlangs verscheen er in Amerika een documentaire getiteld Divivded. Daarin komt naar voren dat jeugdwerk niet Bijbels is en de verantwoordelijkheid niet moet liggen bij jeugdleiders. De verantwoordelijk ligt bij de ouders. De leegloop in de kerken vindt hier mogelijk een oorzaak. In Amerika zien we dat steeds meer kerken deze lijn gaan volgen en gaat het in Nederland ook niet deze kant op.

Deze week lees ik een artikel van Jakob van Bruggen in de Nader Bekeken die zegt dat de gemeente niet een specifiek missionaire taak heeft. Wees missionair daar waar je elkaar kent en al eerder las ik in het RefDag dat christendom dat relevant wil zijn niet Bijbels is.

De afgelopen tien jaar zijn dit de pijlers geweest van mijn bestaan. Wat nu als beiden gelijk hebben, dan heb ik dus tien jaar van mijn leven vergooid doordat ik –niet Bijbels– heb geleefd. Ik heb bij YfC mij ingezet voor het missionaire jongerenwerk en in de kerk bij catechese.

Mijn nachtmerrie

In een droom probeerde ik deze twee gedachten bij elkaar te brengen. Geloofsopvoeding bestaat niet, je voedt op als gelovige. Het geloof kan je niet geven daarvoor is een grote kracht nodig, net zo groot als bij het ontstaan van de schepping. Dus de lerende gemeente bestaat niet. De hoge idealen werken verlammend. Als we duidelijk, veilig en relevant jeugdwerk willen doen, dan zijn deze idealen zo hoog, dat zij ons meer dan eens gevoelens van moedeloosheid en lusteloosheid bezorgen. We hebben last van een virus en dat gaat zelfs zo ver dat sommige het einde van kerk voorspellen. De drie idealen zijn niet haalbaar. Jeugdleiders stop er maar mee, catecheten jullie doen iets wat niet Bijbels is. Net als de missionaire gemeente niet bestaat, bestaat de lerende gemeente ook niet. Laten we de catechismus in de prullenbak gooien. De lerende gemeente is in de jaren zestig van de twintigste eeuw, ontwikkeld en gaat terug op de doorbraak theologie. Er is in de apostolische brieven geen opdracht om als gemeente om het leren apart te organiseren. Een leraar kun je niet beroepen, die krijg je.

Het leren hoeft niet apart georganiseerd te worden, want het is de omgeving waarin je elke dag opgroeit waarin je leert. Kinderen moeten het geloof ingeprent worden door alledaagse omgang: ‘spreek er over, thuis en onderweg’ elk moment van de dag dus. Stop dus met geloofsonderwijs in de kerk. Echte overdracht vindt plaats in het ‘echte leven’.

Maar godsdienst is in onze samenleving een privé zaak geworden. De kennis die jongeren van nu krijgen, komt voornamelijk via de kerkdiensten en catechese tot hen. Dus als we daarmee stoppen hebben ze niks meer. Of…………

Het probleem

Verder las ik een artikel van Hans Meerveld in de Reformatie die nog eens naar het rapport kansen voor de catechese doorgewerkt had. Hierin komt naar voren dat er een groot gebrek is aan de meest basale kennis van het christelijk geloof onder jongeren. Meerveld schrijft verder dat het klagen over gebrek aan kennis onder jongeren is niet nieuw. Sterker nog is er veel verschil met de ouderen? Hij denkt dat het goed is om de klacht als eerste te relativeren, omdat het gebrek aan kennis al zo oud is als het ontstaan van de Bijbel. De oorzaak onder jongeren wordt in verschillende dingen gezocht:

  • Predikant verzorgt catechese niet meer;
  • Catecheten kampen soms met ordeproblemen;
  • een gebrek aan persoonlijke motivatie;
  • Methoden die worden gebruikt;
  • Te veel aansluiten bij ervaring en belevingswereld van jongeren.

Maar voor elke van deze geldt dat er al geklaagd werd over gebrek aan kennis voordat de veranderingen plaatsvonden. Het probleem is dieper.

Als we spreken over kennisoverdracht dan is het van belang welke plaats kennis inneemt in het leven van mensen. We leren door de context waarin we groot worden.

  • Als ik als vader bijna nooit thuis ben en ik zeg tegen mijn zoon dat God Vader is, dan denkt mijn zoon ‘God is er bijna nooit’
  • Als ik veel boos ben, dan denkt mijn zoon: God is een boze God.
  • Al ik veel straf, dan denkt mijn zoon dat God een straffende God is.
  • Als ik mijn zoon zijn gang laat gaan zonder regels te stellen, dan denkt hij: van God mag alles.

Het is niet waar

Het is ontzettend niet waar, dat de lerende gemeente niet bestaat, en dat zelfde geldt voor de Missionaire en diaconale gemeente. De gemeente is een grote slagroomtaart en ieder onderdeel hoort er volledige bij, ontbreekt er een, dan is het geen slagroomtaart meer. Haal de Suiker of de Slagroom maar weg en het is geen slagroomtaart meer en hij smaakt nergens na. Probleem is dat we de gmeente vaak zien als een wiel met spaken, maar dat klopt niet. Ontbreekt de Suiker dan smaakt de taart niet meer.

Moeten we stoppen met de catechese? Nee; voor veel jongeren is het een van de weinige momenten in de week. Praat ik dit goed? Nee, eerste verantwoordelijkheid ligt bij de ouders. Er wordt wat geleerd. Bovendien zitten veel jongeren helemaal niet op hun ouders te wachten in de puberteit. Maar het is wel de vraag in hoeverre de geloofstaal ook thuis wordt gesproken en daar aan gekoppeld de vraag is er een praktijk die de geloofstaal ondersteund.

Misschien moeten we de lerende gemeente en de missionaire gemeente bij elkaar brengen en voortaan alleen nog maar missionair bijbelonderwijs geven. Misschien betekend dit dat we heel onze manier van onderwijs in de kerk moeten aanpassen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s