Attractief en/of Gezonden (Help 6)

Floyd McClung schreef een boek met als titel ‘Ik zie een leger’. In een recensie schrijftPaulien Vervoorn:

Floyd spoort mensen aan om van een ‘fijne-dienst-op-zondag’ naar een ‘iedere-dag-christendom’ te gaan, waarin we heel gewoon met een stel vrienden doen wat Jezus zegt! Outsiders bereiken in plaats van een warm bad creëren voor insiders dus. De kerk naar de wereld brengen in plaats van zitten wachten tot de wereld naar de kerk komt. Ingewikkelde kerken houden zich vaak bezig met programma’s om discipelen te maken. Een eenvoudige kerk (‘simple church’) rust ménsen toe om discipelen te maken. De manier mag iedere generatie opnieuw bedenken. Teveel structuur of een niet passende vorm van leiderschap kunnen het juist moeilijk maken om te ontwikkelen en te vermenigvuldigen zoals God het heeft bedoeld.

De overeenkomsten tussen McClung en Hirsch zijn opvallend. Hirsch ziet een kerk die vooral probeert nieuwe soldaten te werven voor een leger dat niet lijkt te weten dat er een ‘land’ is waar gestreden dient te worden of waar vredesmissies nodig zijn. Hij vindt dat veel kerken vooral tot doel lijken te hebben om het leger steeds verder te bekwamen en te laten groeien (in kwantiteit en kwaliteit; aantallen en discipelschap). Maar, zeggen Hirsch en McClung:

Het leger als geheel lijkt vergeten te zijn dat dit leger toch echt vooral bedoeld is voor vredesmissies.

Die taak en de missie van dat leger komen rechtstreeks van de Koning van de kerk. God wil NIEUWE (verloren) mensen bereiken. Dat vraagt om vredesmissies buiten de eigen grenzen. Het Nederlandse leger (gestuurd door de Nederlandse politiek) trekt er regelmatig op uit om buiten de eigen grenzen te opereren. Vooral daartoe oefent het, krijgt het budget, werkt het met andere legers samen, om er vervolgens op uit te gaan en haar werk te doen. Hoe is dat met de Kerk: Gaan we er op uit? Of steunen we geen vredesmissies om dat dit te veel kost! Of omdat we bang zijn dat er slachtoffers vallen?

In Wat de kerk kan leren van Albert Heijn ging het over de rode en blauwe oceanen. De kerk  bereikt een kleine (en kleiner wordende) groep mensen die affiniteit hebben met kerk (de rode oceaan). Maar een steeds groter deel van de Nederlanders (tot 70%) lijkt niet meer te kunnen worden bereikt met de ‘huidige vormen van kerk zijn’, ze bevindt zich in de blauwe oceaan.

Attractief en/of Gezonden

Hirsch introduceerde de boeken ‘The Shaping of things to come’ en ‘The Forgotten ways’ het begrip  ‘missionairy distance’, missionaire afstand. Zowel de kerk als een leger hebben beide te maken met afstanden.

  • Waar ben je actief?
  • waar zijn de missiegebieden?
  • Welke grenzen moet je over om die gebieden te bereiken?

Je zou ook kunnen vragen: Hoe kom je als kerk in die blauwe oceaan? We schreven al eerder dat op twee punten de kerk sterk van positie veranderde en daarmee te maken kregen met andere grenzen om wel of niet over te gaan. Hirsch benadrukt het scharnierpunt voor de positie van de kerk in 313 na Christus. Constantijn maakt van de vroege kerk de staatskerk waardoor de modus van de kerk verandert. Die modi hebben sterk van elkaar verschillende kenmerken, zie tabel hiernaast.

De grenzen en dus de manier van het uitvoeren van ‘de missie’ veranderde. De kerk ging van ‘er op uit trekkend en anderen bereikend’ naar ‘gevestigd en uitnodigend’. Van een gezonden gemeenschap naar een aantrekkende gemeenschap.

Maar in de 20e eeuw zien we in Nederland ‘de kerk’ afbrokkelen. Ze is niet aantrekkelijk meer. We zien dat het christelijk geloof steeds verder afneemt. De positie van de kerk marginaal wordt en enigszins verdacht is en ouderwets! De ‘aantrekkingskracht’ van de kerk in Nederland is veranderd. De vanzelfsprekendheid dat mensen bij de kerk hoorden -of naar de kerk toekwamen- is vrijwel geheel verdwenen.

Volgens Hirsch heeft dit grote implicaties, maar heeft de kerk er vaak nog helemaal niet over doorgedacht. En daardoor heeft de kerk ook nauwelijks nagedacht over een andere vorm van ‘leger zijn’.

We lijken als kerk nog te denken dat de wereld is als in de tijd van de koude oorlog, terwijl de hele wereld ondertussen veel meer baat heeft bij ‘vredesmissies’ en korte interventies. We willen aantrekkelijk zijn, maar we verliezen zoutende kracht!

Hebben we nu en ‘mentaal model’ van de kerk wat is achterhaald? Is de manier waarop we kerk voor ‘de wereld’ willen zijn nog wel mogelijk als we het op dezelfde manier doen als 40 jaar geleden?

Kom en zie-aanpak

Hirsch zegt dat een verschuiving van de kerk naar de marge te maken heeft met een voor veel gemeenten steeds minder werkende houding bij evangelisatie. Om dat te verbeteren doet de kerk hetzelfde als vroeger ‘maar dan beter’. Een zo goed mogelijk uitgevoerde  ‘kom-en-zie-aanpak. Aattractief kerk zijn: toegankelijke  diensten, andere muziek, moderne  media inzetten. Wees attractief en haal mensen binnen!

Dit principe gaat uit van het idee dat mensen naar je toe komen, belangstelling hebben, mee (gaan) doen, en dan vooral meedoen met kerk-activiteiten. Deze aanpak klinkt door in een opmerking als: We doen aan evangelisatie, want onze (kerk)deuren staan altijd open en we hebben allerlei activiteiten. Als we kijken welke activiteiten dit zijn, dan zien we vooral de ‘kom-en-zie-aanpak? Vooral de gewone en ook de laagdrempelige kerkdiensten. En ook Alpha- en Emmaüscursussen, (soms missionaire) inloopactiviteiten van de kerk passen goed.

Eigenlijk is ‘kom en zie’ niet echt het goede woord. Het zou kunnen heten ‘kom, en doe als ons; doe mee’. Het is niet de bedoeling om mensen uit ‘de wereld’ slechts te laten kijken. Maar juist om mensen op te roepen te komen, vervolgens dingen te laten meemaken en hen zo bij Christus en bij de kerk te brengen.

Het attractiemodel is eigenlijk een extractie-model. Mensen aantrekken vanuit de wereld, geroepen door de kerk, door christenen en door God, en ze voegen bij de kerk.

Dit extractie-model past vooral goed bij een kerk die daadwerkelijk een centrale rol speelt in de maatschappij. Zo’n kerk is namelijk goed zichtbaar en staat goed bekend. En deze kerk gaat er vanuit dat mensen zullen komen. Maar, zegt Hirsch, mensen komen niet meer. De kerk wordt als steeds minder betrouwbaar gezien. En de manier waarop de kerk daadwerkelijk kerk was en is schrikt mensen tegenwoordig vooral af.

Incarnational church

We don’ t plant a church. Plant Jesus in the neighbours and let the church grow out of that (Hirsch).

Wanneer de kerk een marginale rol heeft in de maatschappij, of wanneer mensen de kerk met argwaan bezien, moet je anders gaan werken, zegt Hirsch. Leer van de kerk zoals ze was voor ze staatskerk werd. Want in die tijd werd het christelijk geloof en de kerk gezien als vreemd, bedreigend en vaak was ze onbekend! Zouden we niet mogen concluderen dat we als kerk terug zijn in een situatie die sterk overeenkomt met het boek Handelingen? Het moment dat de discipelen (apostelen) met hun opdracht aan de slag moeten, met alleen de Geest en een duidelijke missie.

“Vrij als ik ben ten opzichte van iedereen, ben ik de slaaf van iedereen geworden om zo veel mogelijk mensen te winnen. Voor de Joden ben ik als een Jood geworden om hen te winnen (Paulus).”

Deze manier om ‘zo veel mogelijk mensen te winnen’ wordt wel het incarnatiemodel genoemd. Het is gebaseerd op de menswording (incarnatie) van Christus: om mensen wezenlijk te bereiken moest hij zelf mens worden. Zoals later Paulus, om Grieken te bereiken, de Griekse cultuur van haver tot gort heeft geleerd en er onderdeel van ging uitmaken.

Het begint in de kazernes (de kerk) en wordt werkelijkheid in de uitzending (de wereld).

Luister wat Hirsch hier over zegt:

Het incarnatiemodel vraagt van de kerk een heel andere manier van denken en doen. Een paradigmashift! Maar hoe werkt deze manier van gezonden kerk-zijn? Hoe ga je dan te werk? Kunnen we niet leren van het leger?

Zullen we gaan

  • werven,
  • opleiden,
  • trainen en
  • gaan uitzenden!

We weten uit ervaring en onderzoek dat niet-christenen Jezus leren kennen door andere christenen! Maar dan moet die niet-christen wel christenen ontmoeten! En dat kan door:

  • Als christen buiten de kerkmuren bezig zijn Christus gestalte te geven: in je werk, je leven, in hun spreken, kortom, in je zijn. 24/7 christenen dus. Niet-christenen zien het christelijk geloof, en soms ook de gemeente waar deze christenen bij horen, door de lens van het leven van een christen die ze kennen.
  • Als groep christenen (kerkgroepen of hele kerken) je gezicht laten zien buiten je kerk door bijvoorbeeld diaconale activiteiten voor de wijk of de buurt zijn hiervoor geschikt. Of verrassende en creatieve manieren kerkelijk present zijn in de maatschappij.
  • Als christenen gezamenlijk een maatschappelijke rol spelen in het publieke domein. Door te partneren met (lokale) overheden.

Steeds meer kerken proberen open te staan voor buitenstaanders. Onder meer door attractieve vormen van kerk-zijn: Gastendiensten, kennismakingscursussen, etc. Dat is goed en ga er mee door, maar de eerste kennismaking met Jezus Christus zal meestal niet via de kerk gaan, daarom wordt aan elk christen  gevraagd:

  • om een heilig en voorbeeldig leven te leiden;
  • te getuigen van de hoop die in je is;
  • je in te zetten in Gods Salvation Army op jouw manier.

Maar God vraagt ook:

Ga er op uit zoals Christus ons bereikte door mens te worden, zo kunnen wij andere mensen alleen bereiken door hén op te zoeken!

In ons volgende blog maken we een uitstapje van het boek ‘On the Verge’ van Hirsch en Ferguson naar een ander  boek van Hirsch: The Forgotten ways. Daarin werken we de verschillen van attractief en incarnationeel werken verder uit.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s